Gedragsprotocol voor  PCB “De Rank” te Kerkwijk.

 

De laatste jaren is er een maatschappelijke discussie ontstaan over het bestrijden van de toenemende agressiviteit in onze maatschappij. Ook op scholen worden we geconfronteerd met ongewenst gedrag zoals:

  • Fysiek: slaan, duwen, schoppen, etc.
  • Mentaal: uitschelden, roddelen, vloeken, brutaliteiten etc.
  • Materieel: afpakken, stukmaken van spullen die niet het eigendom zijn etc.

Het is goed om gedragsproblemen en pesterijen eensgezind aan te pakken. Voor deze eensgezinde aanpak hebben we een gedragsprotocol geschreven. Het protocol is een soort handboek voor de medewerkers, ouders en kinderen van onze school.
In het gedragsprotocol schrijven we wat wij van elkaar en van de kinderen verwachten wat betreft gedrag in school. Ook beschrijven we wat wij ondernemen als regels overtreden worden.
Het pesten is een wezenlijk en groot probleem. Pestgedrag is schadelijk voor kinderen, zowel voor de pesters en slachtoffers als voor de zwijgende middengroep. Een effectieve methode om ongewenst gedrag te stoppen of binnen de perken te houden, is het afspreken van regels. Jammer genoeg kan de preventieve werking van gedragsregels pesten niet uitsluiten, vandaar dat we sinds dit schooljaar ook werken met een apart pestprotocol. Wij hopen door alles te beschrijven consequent te kunnen handelen en kordaat op te treden als het mis gaat. Hier volgt een samenvatting.
De regels voor de omgang met kinderen door de medewerkers en voor de leerlingen luiden als volgt:

 

Omgang met leerlingen door medewerkers:

  • Neem elk kind serieus / laat ieder in zijn waarde / respecteer een ieder;
  • Toon daadwerkelijke belangstelling (persoonlijk / werk);
  • Maak duidelijke afspraken en kom ze na;
  • Respecteer de eigendommen van kinderen;
  • Wees open en eerlijk / oordeel, waardeer positief;
  • Praat onder alle omstandigheden rustig / correct taalgebruik (voorbeeldgedrag);
  • Zeg nooit iets negatiefs over een kind als kind, zeg niets ongunstigs van een kind in het bijzijn van anderen (bespreek het gedrag als zodanig);
  • Bespreek problemen / misverstanden / moeilijkheden met diegenen die erbij betrokken zijn;
  • Sluit een vervelende situatie altijd positief af (stuur een kind niet met een negatief gevoel naar huis);
  • Van fouten / onenigheid / ruzie e.d. kun je leren;
  • Zorg voor een veilige / prettige sfeer in de groep;
  • Begroet leerlingen en neem afscheid;
  • Laat kinderen buiten schooltijd – in principe – niet alleen bij jou in de klas zijn of bij je thuis komen;
  • Stel ouders op de hoogte in gevallen dat dit toch noodzakelijk is;
  • Loop niet zonder meer kleed- en/of doucheruimtes binnen, maar klop eerst aan om kinderen gelegenheid te bieden om bijv. een handdoek om te slaan. Dit geldt zeker in situaties waar de omgang in het algemeen wat losser is, zoals tijdens kamp, schoolreis, sportdagen;
  • Neem kinderen vanaf groep 4 – in principe – niet op schoot.

 

Leerlingen onderling:

  • Eerlijk duurt het langst! ( houd je aan gemaakte afspraken, niet liegen, niet stelen);
  • Iedereen hoort erbij! (respect, niet discrimineren, iedereen vindt het fijn om erbij te horen, iedereen laten meedoen en meespelen);
  • Pas op je woorden! (niet pesten, uitschelden, roddelen, bijnamen verzinnen, spreek de ander op correcte wijze aan);
  • Handen thuis! (respect voor elkanders lichaam en spullen);
  • Wees zuinig en netjes! (respect voor schoolspullen, houd plein en school schoon);
  • Veiligheid voor alles! (niet fietsen op plein, tassen en jassen aan haak, laat weten waar je bent, niet vechten);
  • Rust in het gebouw! (niet rennen en schreeuwen op de gang);
  • Doe je best! (houd je aan bovenstaande regels, doe je best in de klas);
  • Kijk eerst naar jezelf!
  • Toevoegingen die pesten betreffen:
  • Doe niets bij een ander kind, wat jezelf ook niet prettig zou vinden;
  • Kom niet aan een ander als de ander dat niet wil;
  • Word je gepest praat er thuis ook over, je moet het niet geheim houden;
  • Vertel de meester of de juf wanneer jezelf of iemand anders wordt gepest.
  • Stappen tegen grensoverschrijdend gedrag
  • De leerkracht beslist in overleg met een collega of een leerling grensoverschrijdend gedrag vertoont;
  • Leerkracht vult het registratieformulier in en stelt kind en diens ouders op de hoogte;
  • Grensoverschrijdend gedrag is gedrag dat bewust kwetsend is. Bewust vernielen van materialen en het uitschelden van een leerkracht zijn hiervan voorbeelden.

 

De consequenties van het overtreden van regels:

  • Eerste overtreding. Registratieformulier wordt ingevuld. Ouders worden gebeld en schoolleiding wordt op de hoogte gebracht;
  • Tweede overtreding binnen 8 lesweken na eerste overtreding, registratieformulier invullen. Schoolleiding belt ouders. 1 dag in andere groep met eigen werk;
  • Derde overtreding binnen 8 lesweken na tweede overtreding, registratieformulier invullen Uitnodiging ouders door directeur en leerkracht: 2 dagen in andere groep met eigen werk;
  • Vierde overtreding binnen 8 lesweken na 3e, registratieformulier invullen, uitnodiging ouders door directeur, week in andere groep met eigen werk. Met schriftelijke mededeling dat een vijfde overtreding binnen 8 lesweken in een schorsing resulteert;
  • Vijfde overtreding binnen 8 lesweken na 4e overtreding, registratieformulier invullen, uitnodiging ouders door directeur, 2 dagen schorsing en 3 dagen in andere groep met eigen werk.
  • Gaat het om ernstiger vergrijpen dan treedt gelijk ons schorsings- en verwijderingsprotocol in werking.

 

Indien ongewenst gedrag continueert en leerling niet meer te handhaven is op onze school kan deze definitief van school verwijderd worden. Uit ervaring weten we dat ondanks alle inspanningen het toch niet altijd lukt door duidelijke regels pesten te voorkomen. Pesten komt helaas op iedere school voor, ook bij ons. Het is een probleem dat wij onder ogen zien en serieus willen aanpakken. Daarom hebben wij:

  • Een aantal stelregels geformuleerd;
  • Afspraken gemaakt die gelden voor alle groepen;
  • Een aanpak beschreven voor ruzies en pestgedrag

 

 

Ad. 1: Stelregels

Stelregel I:

Een belangrijke stelregel is dat het inschakelen van de leerkracht niet wordt opgevat als klikken.

Vanaf de kleutergroep brengen we kinderen dit al bij: “je mag niet klikken, maar… als je wordt gepest of als je ruzie met een ander hebt en je komt je er zelf niet uit dan mag je hulp aan de leerkracht vragen. Dit wordt niet gezien als klikken.”

Stelregel II:

Een tweede stelregel is dat een medeleerling ook de verantwoordelijkheid heeft om het pestprobleem bij de leerkracht aan te kaarten. Alle leerlingen zijn immers verantwoordelijk voor een goede sfeer in de groep.

Stelregel III:

Samenwerken zonder bemoeienissen:

School en gezin halen voordeel uit een goede samenwerking en communicatie;

Dit neemt niet weg dat iedere partij moet waken over haar eigen grenzen;

Het is bijvoorbeeld niet de bedoeling dat ouders naar school komen om eigenhandig een probleem voor hun kind op te komen lossen;

Bij problemen van pesten zullen de directie en de leerkrachten hun verantwoordelijkheid (moeten) nemen en indien nodig overleg voeren met de ouders;

De inbreng van de ouders blijft bij voorkeur beperkt tot het aanreiken van informatie, tot het geven van suggesties en tot het ondersteunen van de aanpak van de school.

 

Ad. 2: Regels die gelden in alle groepen:

Zowel gedragsregels als eventuele extra groepsregels zijn zichtbaar in de klas opgehangen;

We bieden alle regels tegelijk aan in het begin van het schooljaar en iedere groep kan een regel van de week kiezen en deze ophangen op zichtbare plaats in het lokaal.

 

Ad. 3: Aanpak van ruzies en pesterijen in 4 stappen.

Wanneer leerlingen ruzie met elkaar hebben en/ of elkaar pesten proberen zij en wij:

Er eerst zelf ( en samen) uit te komen.

Op het moment dat een van de leerlingen er niet uitkomt (in feite het onderspit delft en verliezer of zondebok wordt) heeft deze het recht en de plicht het probleem aan de meester of juf voor te leggen.

 

Zijnde:

De leerkracht brengt de partijen bij elkaar voor een verhelderinggesprek en probeert samen met hen de ruzie of pesterijen op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken;

Bij herhaling van pesterijen / ruzies tussen dezelfde leerlingen volgen sancties.

Zijnde:

Bij herhaaldelijke ruzie/ pestgedrag neemt de leerkracht duidelijk stelling in en houdt een bestraffend gesprek met de leerling die pest /ruzie maakt. De fases van bestraffen treden in werking (zie bij consequenties);

Ook wordt het incident in het logboek van de betreffende leerling genoteerd. Bij iedere melding in de map omschrijft de leerkracht ‘de toedracht’. Bij de derde melding in de map worden de ouders op de hoogte gebracht van het ruzie-pestgedrag. Leerkracht(en) en ouders proberen in goed overleg samen te werken aan een bevredigende oplossing;

De leerkracht biedt altijd hulp aan de gepeste en begeleidt de pester, indien nodig in overleg met de ouders en/ of externe deskundigen.

 

Tenslotte is er een speciaal protocol voor schorsing en verwijdering van leerlingen en ontzegging toegang van ouders en verzorgers.

 

 

Regeling schorsing en (voornemen tot) verwijdering van leerlingen en ontzegging toegang van ouders en verzorgers

Inleiding

De regeling schorsing en (voornemen tot) verwijdering van leerlingen en ontzegging toegang van ouders en verzorgers veronderstelt dat de school schoolregels heeft opgesteld in overleg met team en MR. Dat deze schoolregels bij inschrijving op de school aan de ouders/verzorgers bekend gemaakt worden en dat binnen het onderwijs de leerlingen de schoolregels leren kennen. Verder veronderstelt het ook dat elk nieuw teamlid bekend gemaakt wordt met de schoolregels en de wijze van toepassing op de school en er wordt uitgegaan van een consequente en transparante toepassing van de regels door leerkrachten en directie binnen de groepen, in de omgang met individuele leerlingen en hun ouders/verzorgers.

De (G)MR heeft een adviserende stem in de vaststelling en eventuele wijziging van de regeling; zij heeft echter geen taak in de behandeling van individuele gevallen, die onder deze regeling vallen.

 

Schorsing

Begripsomschrijving: Van schorsing is sprake als een leerling tijdelijk de toegang tot de school wordt ontzegd.

Verbaal geweld: iemand dreigend toespreken in combinatie met stemverheffing en/of gebaren, die als bedreigend kunnen worden opgevat; dreigementen tot beschadiging van have en goed van betrokkene of de school; dreigementen over te gaan tot fysiek geweld tegen betrokkene en/of haar of zijn familie en/of de school.

Fysiek geweld: slaan, schoppen, bijten, krabben, enz.; bedreiging met en/of gebruik van een wapen of een voorwerp dat als een wapen kan worden gebruikt; beschadiging en/of vernielen van have en goed van leerlingen, personeel, andere ouders/verzorgers of de school.

Gronden voor schorsing

De volgende gebeurtenissen zijn aanleiding tot schorsing:

  • Bij de gronden volgen we altijd ons gedragsprotocol
  • Herhaaldelijk niet gedragen volgens schoolregels
  • In het in gevaar brengen van andere leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeel;
  • Verbaal en/of fysiek geweld tegenover andere leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeel;
  • Het in gevaar brengen door de ouder/verzorger van andere leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeel;
  • Verbaal en/of fysiek geweld door de ouder/verzorger tegenover andere leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeel.

Voorwaarden schorsingsbesluit

In het geval dat een leerling andere leerlingen en/of personeel en/of ouders/verzorgers in gevaar brengt kan zonder waarschuwing overgegaan worden tot schorsing. In het geval dat de schoolregels niet herhaaldelijk nageleefd wordt, dient er, alvorens tot schorsing wordt overgegaan, minimaal twee keer gewaarschuwd te zijn in de vorm van een gesprek met leerling en ouders/verzorgers. Deze gesprekken zijn vastgelegd in een verslag, die ouders/verzorgers voor akkoord getekend retourneren. Indien ouders niet willen tekenen, maakt de directeur hier een aantekening van.

Tijdsduur

De duur van de schorsing is minimaal een schooldag en maximaal tien schooldagen, waarna er afspraken worden gemaakt over wijze van toelaten van de leerling op de school.

Informatieplicht betrokkenen

Een schorsing wordt naast mondeling, altijd schriftelijk en gemotiveerd medegedeeld aan de ouders of verzorgers. Een afschrift van het besluit gaat naar het bestuur. Indien wenselijk, kan na toestemming van de ouders/verzorgers betrokken hulpverlenings-instanties ook onder de informatieplicht worden gebracht.

Mandaat directie

De directeur is gemandateerd door het bestuur om tot schorsing te besluiten.

 

Ontzegging toegang ouder of verzorger

Begripsomschrijving: Ontzegging toegang betreft een verbod het schoolgebouw en schoolplein te betreden.

In geval van verbaal en/of fysiek geweld door een ouder of verzorger kan overgegaan worden tot het ontzeggen van de toegang tot de school van de betreffende ouder/verzorger.

Tijdsduur

De ontzegging van toegang kan maximaal 6 maanden duren, waarna opnieuw een besluit wordt genomen over de wijze van toelaten van de betreffende ouder of verzorger tot de school.

Informatieplicht betrokkenen

Een ontzegging toegang ouder/verzorger wordt naast mondeling, altijd schriftelijk en gemotiveerd medegedeeld aan de betreffende ouder of verzorger. Een afschrift gaat naar het bestuur.

Mandaat directie

De directeur is gemandateerd door het bestuur om tot ontzegging toegang ouder/verzorger te besluiten.

Aangifte politie

In geval van verbaal en/of fysiek geweld en/of het ernstig in gevaar brengen van de leerlingen en personeel wordt aangifte gedaan bij de politie. De aangifte kan door de betreffende leerkracht worden gedaan, maar ook door de directeur van de school. Indien er sprake is van ernstige bedreiging kan er aangifte gedaan worden door het bestuur.

 

Voornemen tot verwijdering

Begripsomschrijving: Een voornemen tot verwijdering betekent dat het bestuur aankondigt binnen een zekere termijn de leerling definitief de toegang tot de school te kunnen ontzeggen.

Gronden voor een voornemen tot verwijdering

Er kunnen vier redenen voor een voornemen tot verwijdering zijn:

  • Het niet kunnen bieden van voldoende leerlingzorg en het uitblijven van medewerking van de ouders/verzorgers om tot onderzoek en eventueel tot plaatsing in het S(B)O te komen;
  • Het herhaaldelijk, langdurig en ingrijpend verstoren van het onderwijsproces in de groep en/of in de school;
  • Het in het in gevaar brengen van andere leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeel;
  • De uiting van verbaal en/of fysiek geweld tegen leerlingen, ouders/verzorgers en/of personeelsleden.

 

Informatieplicht betrokkenen

Een voornemen tot verwijdering wordt naast mondeling, altijd schriftelijk en gemotiveerd medegedeeld aan de ouders of verzorgers. Een afschrift van het besluit gaat naar het bestuur. Indien wenselijk, kan na toestemming van de ouders/verzorgers betrokken hulpverleningsinstanties ook onder de informatieplicht worden gebracht.

 

Leerlingzorg en herhaaldelijk, langdurig en ingrijpende verstoring van het onderwijsproces

In geval van onvoldoende zorg kunnen bieden of het herhaaldelijk, langdurig en ingrijpend verstoren van het onderwijsproces dient er eerst een zorgvuldig traject gevolgd te worden conform het zorgbeleid van de school.

Er behoort minimaal twee maal met de ouders door de groepsleerkracht, IB-er en/of schoolleiding over de leerling en de mogelijke aanpak en begeleiding gesproken te zijn. Het gaat zowel om de opvoedingsondersteuning en de begeleiding door de ouders als de begeleiding door de school en de onderlinge afstemming hiertussen. Het doel van het gesprek en de eventuele consequenties van het onvoldoende zorg kunnen bieden als wel een blijvend verstoren van het onderwijsproces moet de ouders/verzorgers helder worden uitgelegd.

Deze gesprekken worden schriftelijk vastgelegd en door de ouders/verzorgers voor akkoord getekend geretourneerd. Indien ouders niet willen tekenen, maakt de directeur hier een aantekening van.

Second opinion

In het geval dat de schoolleiding toch constateert dat zij onvoldoende zorg kan bieden laat zij zich hierin adviseren door het zorgloket of collegiaal consultant of een medewerker van een S(B)O-school. Op deze wijze verkrijgt de school een second-opinion. Deze wordt op schrift gesteld.

Mocht de second-opinion de opvatting van de schoolleiding bevestigen dan wordt een aanvraag bij de PCL voorbereidt; levert de second-opinion een alternatieve aanpak op dan wordt deze aanpak gedurende een nader vast te stellen termijn uitgevoerd.

In geval van niet instemmen ouders/verzorgers met schoolaanpak

Indien ouders niet instemmen met de PCL-aanvraag en mogelijke plaatsing op een S(B)O-school of een andere aanpak van de betreffende leerling dan volgt een gesprek met de ouders/verzorgers, waarin de schoolleiding zal melden dat zij aan het bestuur zal voorstellen een besluit tot een voornemen tot verwijdering voor te bereiden. Ouders/verzorgers ontvangen een afschrift van het voorstel.

Onveiligheid, verbaal en/of fysiek geweld

In het geval dat een leerling verbaal en/of fysiek geweld of anderen in een onveilige situatie brengt volgt eerst schorsing. Zie schorsingsprocedure.

Indien er sprake is van herhaald gewelddadig gedrag en betrokkene niet in staat is of niet de wil heeft om therapie of begeleiding te gaan volgen om dit gedrag te veranderen, dan wordt door de school een voorstel tot voornemen van verwijdering bij het bestuur ingediend. Ouders/verzorgers ontvangen een afschrift van het voorstel.

Onderzoek voorstel voornemen tot verwijdering

Het bestuur wijst een bestuurslid of een medewerker bestuursondersteuning aan als vertegenwoordiger om het voorstel voornemen tot verwijdering te behandelen en een bestuursbesluit voor te bereiden.

De vertegenwoordiger van het bestuur vraagt alle informatie op die op de zaak betrekking heeft en hoort achtereenvolgens de ouders, de groepsleerkracht en in het geval van zorg de IB-er en de directeur van de school. Indien nodig hoort hij of zij derden of deskundigen. Van deze gesprekken worden verslagen gemaakt en deze worden voor akkoord verklaring aan betrokkenen voorgelegd. Indien ouders/verzorgers niet willen tekenen, maakt de vertegenwoordiger van het bestuur hier een aantekening van.

Besluit bestuur

Op basis van het onderzoek formuleert de vertegenwoordiger van het bestuur een voorstel dat aan het bestuur wordt voorgelegd. Het bestuur besluit en dit besluit wordt mondeling en schriftelijk aan alle betrokkenen medegedeeld.

Besluit geen voornemen tot verwijdering

Indien het bestuur niet besluit tot voornemen tot verwijdering wordt de leerling inclusief een aantal afspraken onmiddellijk weer tot de school toegelaten.

Verplichting schoolleiding om een andere school te zoeken

Indien het bestuur wel besluit tot voornemen tot verwijdering dan blijft de leerling geschorst gedurende acht weken, waarin de schoolleiding actief zoekt naar een andere school voor de geschorste leerling. Daarnaast stelt de schoolleiding de leerling in staat om het onderwijsprogramma, bijvoorbeeld middels huiswerkopdrachten zo goed mogelijk te blijven volgen.

Verplichting ouders/verzorgers

Ouders/verzorgers dienen zich actief op te stellen en zoveel mogelijk medewerking te verlenen in het vinden van een andere geschikte school voor hun kind.

 

Verwijdering

Begripsomschrijving: Verwijdering houdt in dat de leerling de toegang tot de school en het onderwijs aldaar wordt ontzegd en de leerling wordt uitgeschreven als leerling uit de leerlingadministratie  van de betreffende school.

Gronden voor verwijdering

Indien het de schoolleiding niet gelukt is om binnen acht weken na besluit voornemen tot verwijdering op basis van gedocumenteerde inspanning de leerling op een andere school te plaatsen dan stelt zij het bestuur voor over te gaan tot verwijdering. De schoolleiding levert hiertoe een rapportage van haar activiteiten aan.

Opnieuw worden schoolleiding en ouders gehoord over het verloop van de herplaatsing en wordt er verslaggeving van deze gesprekken gemaakt door een aangewezen vertegenwoordiger van het bestuur.

Besluit tot verwijdering

Als op basis van de informatie het bestuur besluit tot verwijdering, dan dient de leerling de school definitief te verlaten en wordt deze uitgeschreven uit de leerlingadministratie.

Besluit geen verwijdering

Als het bestuur niet besluit tot verwijdering, omdat de schoolleiding onvoldoende aantoonbare activiteiten heeft ontplooid of omdat de plaatsing op een andere school aanstaande is, maar niet binnen acht weken geëffectueerd kan worden, dan kan het bestuur eenmalig de termijn van voorgenomen verwijdering verlengen met maximaal acht weken.

Informatieplicht betrokkenen

Het voorstel tot verwijdering van de directie en het besluit tot verwijdering door het bestuur wordt naast mondeling, altijd schriftelijk en gemotiveerd medegedeeld aan de ouders of verzorgers. Indien wenselijk, kan na toestemming van de ouders/verzorgers betrokken hulpverleningsinstanties ook onder de informatieplicht worden gebracht.

Bezwaar en beroep

De ouder kan tegen een schorsingsbesluit, een voorgenomen verwijdering en een verwijderingbesluit volgens de Algemene Wet Bestuursrecht in bezwaar gaan bij het bestuur, schriftelijk gemotiveerd binnen zes weken na datum van het besluit. Het bestuur behandelt het bezwaar conform de AWB-procedure en neemt opnieuw een besluit. Indien ouders niet instemmen met dat besluit kunnen zij hun bezwaren voorleggen aan de Arrondissementsrechtbank, afdeling bestuursrecht.